Journalist van de Vrede

Sinan Can: ‘Verhalen zijn verbindend’

‘Verhalen kunnen ervoor zorgen dat mensen elkaar beter begrijpen. Bijvoorbeeld waarom mensen bepaalde keuzes maken en wat dat met hun leven doet. Door verhalen komt er meer begrip voor elkaar en hopelijk draagt dat bij aan een harmonieuze wereld.’ Zo vertelt Sinan Can, onderzoeksjournalist en maker van prijswinnende documentaires als Onze missie in Afghanistan, Bloedbroeders en De Arabische storm. Hij is voor mediators een interessante documentairemaker die conflict en oorlog laat zien door persoonlijke verhalen van mensen.

interview

Door Lenka Hora Adema
Foto’s uit Onze missie in Afghanistan, In het spoor van IS en De Arabische storm, geplaatst met toestemming van Sinan Can.

In een doopsgezinde kerk in Rotterdam ontmoet ik de Turks-Nederlandse journalist Sinan Can. Hij is daar die avond uitgenodigd door The Hague Peace Projects, om te spreken over ‘werken aan verzoening’ tussen de Armeniërs en de Turken. Die avond wordt ook zijn documentaire Bloedbroeders getoond, waarin hij samen met de Armeens-Nederlandse Ara Halici onderzoekt hoe hun familie honderd jaar geleden betrokken was bij de Turkse massamoord op de Armeniërs. Het is maar een van de vele documentaires waar hij aan meewerkte. Elke documentaire die ik van hem zag weet me te raken door de pure verhalen, die vaak omlijst zijn met stilte. Doordat verschillende perspectieven worden belicht is het spannend om naar te kijken en luisteren. Het lijkt wel mediation.

Ik ben blij dat ik hem voor dit themanummer van Tijdschrift Conflicthantering over verhalen nog enkele vragen kan stellen, vlak voor zijn vertrek naar Libanon, waar hij enkele weken zal zijn om zijn boek te kunnen schrijven over de wortels van het geweld in het Midden-Oosten.


U bent door het Humanistisch Verbond in 2016 uitgeroepen tot Journalist van de Vrede. Wat betekenen verhalen voor u?

Verhalen zijn verbindend. Het is niet voor niets dat al eeuwen mensen verhalen aan elkaar doorvertellen en doorgeven. Kijk maar naar de heilige boeken, dat is een potpourri aan verhalen. Het mooie aan verhalen is dat ze soms klein zijn, specifiek, beeldend, vol van herkenning, uit het leven gegrepen. Ze kunnen mensen verbinden die duizenden kilometers van elkaar vandaan wonen, doordat zij elkaars verhalen ontroerend, inspirerend of komisch vinden. Verhalen zorgen er ook voor dat je soms gebeurtenissen vanuit een ander perspectief kunt zien. Details kunnen een gewoon verhaal ongewoon maken en een ongewoon verhaal gewoon. Dat is toch fantastisch?


Welk verhaal dat u hoorde tijdens uw werk maakte dat u anders bent gaan kijken naar bijvoorbeeld IS?

Het verhaal van oud-IS-strijder Hassan. Hij ging bij IS omdat zij rust en structuur brachten in Raqqa. Toen hij later zag hoe bruut ze waren, is hij ertussenuit gegaan. Hij zei letterlijk: ‘Wij (het Vrije Syrische Leger en Nusra) hadden Raqqa bevrijd van Assad en vervolgens gingen we met elkaar vechten en wisten niet hoe we een stad moesten besturen. En op dat moment kwam IS binnen, zorgde voor rust, deelde voedsel uit, maakte de stad veilig. Mensen van IS waren heel mild in het begin. Er waren bijvoorbeeld geen executies maar alleen vermaningen. Drie maanden later ging IS mensen op het plein executeren. Werd je geslagen als je rookte. Ik heb een hele duidelijke mening over IS, maar vanuit het perspectief van Hassan begrijp ik wel waarom hij zich aansloot. Verhalen kunnen ervoor zorgen dat mensen elkaar beter begrijpen, bijvoorbeeld waarom mensen bepaalde keuzes maken en wat dat met hun leven doet. Door verhalen komt er meer begrip voor elkaar en hopelijk draagt dat bij aan een harmonieuze wereld. 

Welk verhaal dat u hoorde tijdens uw werk maakte dat u anders bent gaan kijken naar bijvoorbeeld IS?

Het verhaal van oud-IS-strijder Hassan. Hij ging bij IS omdat zij rust en structuur brachten in Raqqa. Toen hij later zag hoe bruut ze waren, is hij ertussenuit gegaan. Hij zei letterlijk: ‘Wij (het Vrije Syrische Leger en Nusra) hadden Raqqa bevrijd van Assad en vervolgens gingen we met elkaar vechten en wisten niet hoe we een stad moesten besturen. En op dat moment kwam IS binnen, zorgde voor rust, deelde voedsel uit, maakte de stad veilig. Mensen van IS waren heel mild in het begin. Er waren bijvoorbeeld geen executies maar alleen vermaningen. Drie maanden later ging IS mensen op het plein executeren. Werd je geslagen als je rookte. Ik heb een hele duidelijke mening over IS, maar vanuit het perspectief van Hassan begrijp ik wel waarom hij zich aansloot. Verhalen kunnen ervoor zorgen dat mensen elkaar beter begrijpen, bijvoorbeeld waarom mensen bepaalde keuzes maken en wat dat met hun leven doet. Door verhalen komt er meer begrip voor elkaar en hopelijk draagt dat bij aan een harmonieuze wereld. 


U vindt het dus belangrijk om een bijdrage te leveren aan een harmonieuze wereld. U bent ook soefi.

In hoeverre heeft dat met elkaar te maken?

Ik zie het soefisme als een liberale pacifistische stroming binnen de islam. In het soefisme geloven ze dat ellende, oorlogen en menselijk leed altijd zullen blijven bestaan. En dat er ook altijd mensen zullen zijn die zich daartegen verzetten. En zo blijft er balans. De roman Liefde kent veertig regels van de Turkse schrijfster Elif Shafak (het is eigenlijk wat soefimeester Shams zegt, maar Shafak heeft het verwerkt in haar boek) zegt dat heel mooi: ‘Regel negenendertig: Terwijl de onderdelen veranderen, blijft het geheel altijd hetzelfde. Voor elke dief die deze wereld verlaat, wordt een nieuwe geboren. En elke fatsoenlijke persoon die overlijdt, wordt vervangen door een nieuwe. Op die manier is er niet alleen niets wat hetzelfde blijft, maar is er ook niets wat ooit echt verandert.’

Mensen begrijpen dankzij verhalen elkaars leed beter

Evil. Toen we het over soefisme hadden, had u het ook over goed en kwaad.

Soefisme betekent heel veel voor mij, vooral ook in mijn werk. Het is een soort moreel kompas. Alles wat ik doe in mijn werk leg ik langs de maatstaven van het soefisme. Soefisme is voor mij een humanistische progressieve verlichte vorm binnen de islam, waarin de mens centraal staat en waarin het moreel kompas heel belangrijk is, en ook het geweten en barmhartigheid. Voor mij betekent het ook dat ik respect heb voor alles waar leven in zit. En het soefisme helpt mij in de verwerking van alles wat ik aan ellende zie.


En dat is nogal wat, wat u gezien hebt aan ellende tijdens uw werk. En het soefisme helpt u daar dus bij. U hebt een paar tatoeages. Klopt het dat uw tatoeages ook over het soefisme gaan?

Mijn vijf tatoeages gaan inderdaad over het soefisme, de liefde en de dood. Een van de tatoeages zegt in het Turks ‘alleen het lichaam is vergankelijk, niet de ziel’. Er staat ook nog een Arabische tekst en die zegt ‘begraaf mij’. Daarmee wordt bedoeld dat je hoopt dat de mensen waar je van houdt jou overleven. Dat zij jou begraven in plaats van dat jij hen begraaft. En zo hoef je ze dus ook niet te missen.

Mijn vuistregel is het werk zo integer mogelijk te doen. Dan kun je nog altijd fouten maken, maar niet willens en weten

Ik heb ook nog een klein stipje op mijn borst, dat is een Süveyda. Het wordt ook wel het liefdespuntje genoemd. Mensen kunnen elkaars Süveyda overdrachtelijk aanraken als zij zonder haat, wrok en nijd kunnen leven. En als ze vol overgave liefhebben. Dus het is een symbolisch zwart stipje op het hart.

Verder staat er op mijn arm nog een draaiend Derwish-teken en de hoed van een Derwish. Die symboliseert een grafsteen die uitdrukt dat je de angst voor de dood overwint, dat staat voor oneindigheid.


Dank u wel voor dit interview. De lezers van Tijdschrift Conflicthantering houden zich professioneel bezig met het begeleiden van conflicten. In hoeverre wilt u met uw werk ook conflicten oplossen?

Je zou het liefst alle problemen in de wereld oplossen maar dat lukt helaas niet. Als journalist is het vooral onze taak om misstanden en onrecht te laten zien. En dan hopen dat mensen die daar echt iets aan kunnen doen dat ook doen. Hopende dat het een steen is die je in een vijver gooit. Dat het iets veroorzaakt, dat het impact heeft.

Lenka Hora Adema is MfN-registermediator en (organisatie)coach, assessor, docent, opleider en redactielid van dit tijdschrift.