Visie

JONG GELEERD IS OUD GEDAAN

VOORLEZEN IS
BETER DAN GENEZEN


2,5 miljoen mensen in Nederland kunnen onvoldoende lezen, schrijven en rekenen. Ruim 1 op de 7 mensen heeft moeite met lezen en schrijven en dat is een groot maatschappelijk probleem. Zonder taal kun je jezelf niet goed redden. Je loopt belangrijke informatie mis wat leidt tot schulden, werkloosheid, een slechte gezondheid, schaamte en minder zelfvertrouwen. Een toekomstperspectief dat je niemand gunt.

Dit kunnen we voorkomen door meer in te zetten op het bevorderen van (voor)lezen bij baby’s, kinderen en jeugd dus door in te zetten op preventie van laaggeletterdheid. Met de bibliotheek als laagdrempelige en toegankelijke plek waar plezier in lezen voorop staat en de persoonlijke ontwikkeling alle aandacht krijgt.


Laaggeletterdheid groeit

Het komt in de bibliotheek regelmatig voor dat ouders, die hun jonge kinderen willen voorlezen, geconfronteerd worden met hun eigen laaggeletterdheid en de schaamte en angst die hierbij komt kijken. Het aantal mensen dat laaggeletterd is, blijft groeien. De Inspectie van het Onderwijs geeft in de jaarlijkse Staat van het onderwijs aan dat er steeds meer leerlingen van de basisschool komen die niet goed kunnen lezen en waarvan de rekenvaardigheid achterblijft. Van alle vijftienjarigen in Nederland heeft 18 procent een leesniveau dat als laaggeletterd geldt.


Voorlezen geeft voorsprong

Jong geleerd is oud gedaan; dat geldt voor bijna alles en zeker voor taal. Voorlezen geeft een flinke voorsprong. Ook samen praten over en kijken naar prentenboeken draagt bij aan de taalvaardigheid van jonge kinderen. Kinderen die vijftien minuten per dag worden voorgelezen, leren per jaar duizend nieuwe woorden extra. Dat is evenveel als het aantal woorden dat kinderen leren met taalonderwijs op school. Daar staat tegenover dat kinderen die opgroeien in gezinnen met laaggeletterde ouders, minder goed presteren op school dan kinderen die opgroeien in een taalrijke omgeving. ­Kinderen van laaggeletterde ouders hebben een grotere kans om zelf ook laaggeletterd te worden, met de bijbehorende problemen. Waarom zijn we vooral bezig met het bestríjden van laaggeletterdheid en niet met het voorkómen ervan?


Leesplezier met de bieb

De bibliotheek heeft het bevorderen van leesplezier als hoofdtaak. De bibliotheek doet er alles aan om ouders en kinderen te bereiken, iedereen te laten lezen en er vooral veel plezier aan te laten ­beleven. Het begint al bij de geboorte. Jonge ouders krijgen voor hun kind het Boekstartkoffertje van de bibliotheek en worden ­geholpen met taalontwikkeling van hun kind. In het primair onderwijs zijn bibliotheken steeds vaker aanwezig in de scholen met aantrekkelijke bibliotheken. De leesconsulenten helpen via het ­programma De Bibliotheek op school zowel de docent als de leerling met het bevorderen van leesplezier. Inmiddels zijn in het voorgezet onderwijs ook bibliotheken via dit programma gerealiseerd.

Bibliotheken zetten alle zeilen bij om juist op de leeftijd dat kinderen leren lezen, leesplezier te bevorderen. Met campagnes zoals De Bibliotheek maakt je rijker moedigen bibliotheken ouders aan om zo vroeg en regelmatig mogelijk met kinderen te lezen en ze voor te lezen. Samen met scholen en voetbalclubs ontwikkelden bibliotheken Scoor een boek! om kinderen, die wat minder met boeken hebben, via hun sportclub toch aan het lezen te krijgen.


Investeer in bibliotheken

We weten allemaal dat voorkomen beter is dan genezen. Investeer daarom in onze toekomst, investeer in leesbevordering, investeer in leesplezier en bied ieder kind in Nederland een toekomst­perspectief met kansen op een succesvolle schoolopleiding en goede kansen op de arbeidsmarkt. Een goede bibliotheek in de buurt is hiervoor de eerste stap.

De Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) is de brancheorganisatie van openbare bibliotheken, provinciale ondersteuningsinstellingen en aanverwante organisaties. De VOB zet in op de versterking van de maatschappelijke rol van de openbare bibliotheek voor een samenleving waarin iedereen zich kan ontwikkelen.