‘Er is nu veel meer een gevoel van eenheid’

POLITIEK FILOSOOF LUUK VAN MIDDELAAR OVER DE NIEUWE POLITIEK VAN EUROPA


Tekst: Rutger van den Dikkenberg

Beeld: Dieter Telemans/HH


Door interne en externe crises is de Europese Unie de laatste jaren snel volwassen geworden, zegt hoogleraar en politiek filosoof Luuk van Middelaar. De oude manier van werken, gebaseerd op regels en afspraken, is lang niet altijd meer voldoende om problemen op te lossen. Vaker dan ooit vragen Europese kwesties om een politieke oplossing. ‘De EU is een beetje een mooiweerconstructie.’

De eurocrisis en de migratiecrisis hebben laten zien dat het tussen de lidstaten behoorlijk kan rommelen. De brexit, de oorlog in Oekraïne en de opkomst van Trump in de Verenigde Staten hebben daarnaast aangetoond dat de EU in de wereld op zichzelf is aangewezen en bedreigd wordt. ‘Het oude Europa was gericht op het bouwen van een markt. Een plek waar goederen, diensten en later ook mensen vrij kunnen bewegen tussen landen,’ zegt Van Middelaar. Regelpolitiek noemt hij dat in zijn boek De nieuwe politiek van Europa, dat vorig jaar verscheen. ‘Maar Europa heeft in de grote crises geleerd dat die machinerie niet toereikend is om te reageren op plotselinge schokken en crisismomenten. Toen Griekenland in mei 2010 bijna failliet was en er een financiële tsunami dreigde waarbij ook andere landen zouden omvallen, moest er in 48 uur tijd, in één weekeinde, 750 miljard euro bij elkaar worden getelefoneerd. Dat zijn grote, zware besluiten. Ik noem dat gebeurtenissenpolitiek. Zulke kwesties kan je niet bedisselen of uitonderhandelen tussen experts en vertegenwoordigers, dan moeten de regeringsleiders worden ingevlogen. Zij moeten knopen doorhakken, omdat het kiezers direct raakt. Dat geeft gevolgen voor de nationale politiek. Er zijn inmiddels nationale verkiezingen beslist op Europese thema’s. Vroeger gebeurde dat nooit. Toen was Europa alleen iets voor experts en techneuten.’

De Europese Unie is veel politieker geworden. Is dat echt iets van de laatste jaren?

‘De crises – en dan met name die rond de euro en de vluchtelingen – hebben een zeer grote impact gehad op de manier waarop Europa bestuurd wordt. Ze zijn een breuk geweest. Maar je kon al wel voortekenen zien. Wat er nu gebeurt, en wat we ook met de Trump zien, zat er al sinds het einde van de Koude Oorlog aan te komen. Vanaf dat moment gingen de Europese landen samen aan veiligheid werken. En de open grenzen van Schengen komen ook uit die tijd, net als de euro. We dachten toen nog dat we dat soort onderwerpen volgens de oude regels konden regelen. Maar het runnen van een gezamenlijke munt is niet hetzelfde als het runnen van een markt.’


Wat is het verschil?

‘Het is een ander type besluit. Met de munt kun je in crisis komen en moet je snelle, zware en controversiële besluiten nemen. Dat is met de markt bijna nooit het geval. Europa is veel meer een lotsgemeenschap geworden. Met de vluchtelingencrisis is dat nog wel het duidelijkst geworden, ook in Nederland. We vinden het hartstikke makkelijk en praktisch dat we in Schengen zitten en dat je je paspoort niet meer hoeft te laten zien. Maar het feit dat we door Schengen geen binnengrenzen meer hebben maar wel één buitengrens delen, was altijd een beetje abstract. In Nederland dachten we dat onze zuidgrens de grens met België was, maar eigenlijk is de Middellandse Zee dat. En die zuidgrens delen we met andere Europese landen. Wat er op de Griekse eilanden of in Zuid-Italië gebeurt, gaat daardoor ook ons aan. We zagen dat zelfs rechtstreeks terug in de sporthallen in Culemborg of Deventer, waar vluchtelingen werden opgevangen. Daar zagen we een bijna één-op-één gevolg van de grote Europese gebeurtenissenpolitiek naar het lokaal bestuur.’


Luuk van Middelaar (1973) is hoogleraar grondslagen en praktijk van de Europese Unie en haar instellingen aan de Universiteit Leiden en columnist voor NRC Handelsblad. Eerder, tussen 2010 en 2014, was hij speechschrijver en adviseur van Herman Van Rompuy, de eerste vaste voorzitter van de Europese Raad en werkte hij voor het kabinet van Eurocommissaris Frits Bolkestein. Hij studeerde geschiedenis en filosofie aan de Rijksuniversiteit Groningen en in Parijs aan Sorbonne. In 2009 promoveerde hij cum laude aan de Universiteit van Amsterdam. Zijn boek 'De passage naar Europa' (2009) werd in tien talen vertaald en veelvuldig bekroond. Vorig jaar verscheen 'De nieuwe politiek van Europa'.


Bij de eurocrisis was er geen vangnet voor lidstaten met financiële problemen, bij de migratiecrisis konden mensen gewoon doorlopen zonder dat er een plan was om hen op te vangen. Kun je daaruit opmaken dat er niet goed is nagedacht over de negatieve kanten van de Europese integratie?

‘Dat is absoluut waar. Europa werd altijd gezien als een win-winsituatie. Europa is goed, want de EU zorgt voor groei en banen. Dat is ook zo, maar we hebben ook gezien dat de Europese Unie niet voldoende weerbaar was in de communicatie in slechte tijden. Het is een beetje een mooiweerconstructie.’


Zonder dat er is nagedacht over slechtweerscenario’s?

‘Ja. Niet over de praktische kanten, zoals vangnetten en noodmaatregelen aan de buitengrenzen. Maar er is ook onvoldoende nagedacht over het effect daarvan op de publieke opinie. Dat zijn harde lessen. Lid zijn van de eurozone noopt tot verplichtingen. Zwakke landen moeten hun economie competitief houden en blijven hervormen, maar sterke landen moeten in zwakke tijden solidariteit tonen. Ik zei het net al: we zijn in de euro een lotsgemeenschap, in goede tijden en in slechte tijden.’


Is Europa zich daar nu voldoende bewust van?

‘Het is de laatste jaren sterk gegroeid. Natuurlijk hebben mensen het in het verleden ook wel gezegd, en is er op papier rekening mee gehouden. Maar dat het ook in het echt zo is, is wennen. Europa is een gedeelde ruimte, waar je met alle lidstaten inzit en het met elkaar moet doen.’

Trump stelt zich afkeurend op jegens de Europese Unie. Vraagt dat ook om politiek handelen van Europa?

‘We hebben nu een handelsoorlog met Amerika. Dat is ongekend. Alleen al in het woord zit je op het breukvlak van de regelpolitiek en de gebeurtenissenpolitiek. Het gaat over handel, een domein waarover de Europese Gemeenschap al decennia bevoegd was, en het gaat over oorlog. Het lijkt me duidelijk dat politiek handelen nodig is. Het is een ernstige zaak, en Trump zal ongetwijfeld proberen de Europese lidstaten uit elkaar te spelen. Hij heeft gezegd dat de Europese Unie a foe is, een vijand. Dat is keiharde oorlogstaal. Amerika is zeventig jaar onze beschermer geweest, maar Trump heeft daar nu geen zin meer in. Dan is het zaak dat de Europese lidstaten en regeringsleiders een gesloten front houden. Dat zal nog veel van ze vragen, ook bij het formuleren van tegenmaatregelen. De pijn moet goed verdeeld worden over de lidstaten, volgens de evenwichten en procedures van de regelpolitiek. Maar het zullen ingrijpende besluiten zijn, ook voor Nederland. Wij zijn een grote handelspartner van Amerika. De Nederlandse publieke opinie moet daarop worden voorbereid.’


We zijn nu acht jaar verder sinds de eerste Griekse crisis. Is Europa nu beter in staat om politiek te reageren dan in 2010?

‘Er is nu veel meer een gevoel van eenheid, bijvoorbeeld tegen Trump. Hij laat zien hoe noodzakelijk het is om samen op te treden. Dat was met de brexit ook het geval. Er was na de uitslag een moment van paniek. Maar binnen een dag of vijf had men zich herpakt en was het 27 tegen 1. Tot verbazing van de lidstaten zelf staat dat front nog steeds, hoewel de Britten vanouds bedreven zijn in het tegen elkaar uitspelen van de lidstaten op het continent. Waarom is dat front nou zo sterk? Omdat de regeringsleiders voelden dat het natuurlijk pijnlijk was dat een grote Europese economie zich losmaakt van het economisch blok, maar dat het politieke gevaar van de brexit nog veel groter is. Er zou een domino-effect kunnen ontstaan, waarbij andere landen ook uittreden. Dan blijken de politieke motieven voor het bijeenhouden van de Europese Unie sterker dan alleen de economische motieven.’

‘Trump zal ongetwijfeld proberen de Europese lidstaten uit elkaar te spelen’

‘Meer Europa betekent niet
dat we naar een Europese
superstaat gaan’

De gebeurtenissenpolitiek noopt Europa tot het maken van vuile handen, schrijft u in uw boek. Denk bijvoorbeeld aan de vluchtelingendeal met Turkije. Heeft Europa dat echt moeten leren?

‘Ja. De Brusselse buitenlandse politiek is heel sterk gedreven door a) het economische belang, en b) goede bedoelingen. We willen andere landen helpen om net zulke welvarende en waardegedreven democratieën te worden. Maar daarmee kom je er niet. Europa moet eraan wennen dat het macht uitoefent, en dat dat ook zo wordt waargenomen door andere spelers. We nemen een plek in de wereld in en verdringen daarmee anderen van hun plek. Dat vergt een mentale omslag.’


De EU heeft zich naar aanleiding van de crises verdiept. De eurocrisis heeft geleid tot een bankenunie en een monetaire unie. De migratiecrisis leidde tot de komst van een Europese kustwacht. Is meer Europa het juiste antwoord?

‘Ik zou het zelf niet zo uitdrukken, maar in de kern komt het daar wel op neer. Meer Europa betekent niet dat we naar een Europese superstaat gaan. Meer Europa betekent wel meer gezamenlijk optreden. Die crises worden veroorzaakt door langetermijnontwikkelingen en geopolitieke verschuivingen. De opkomst van China, de globalisering, Amerika dat zich verwijdert van Europa. Dat is een totale kanteling van de omgeving waarbinnen de Europese en de Nederlandse politiek zich sinds 1945 hebben ontwikkeld. Dat besef dringt nu door. Dan kan je ervoor kiezen om als Nederland een zelfstandige koers te varen en te denken dat het allemaal wel overwaait. Maar willen wij onze belangen en waarden verdedigen, dan kunnen we dat eigenlijk alleen met onze buren doen. Dat vergt meer engagement om intensiever te gaan samenwerken met andere lidstaten. Ik zou willen dat Nederland daar volop aan meedoet.’