Lieke Sievers over de positie van boa's

‘Iemand in uniform
moet kunnen doorpakken’

INTERVIEW

DOOR LAURA WENNEKES FOTO ROEL DIJKSTRA

Er is landelijke regelgeving nodig die niet belemmerend werkt om boa’s goed te laten functioneren, maar vooral ook goede samenwerking met én steun van de politie. Dat zegt mede-oprichtster van het BOA-platform, Lieke Sievers, die bezig is om dit voor elkaar te krijgen.

Sievers werkte 26 jaar bij de politie en werd in 2016 burgemeester van Edam-Volendam. Ze is een van de initiatiefnemers van het BOA-platform, dat is opgericht om alle partners die betrokken zijn bij het werk van toezichthouders en handhavers te verenigen. Ex-minister Pieter Winsemius en voormalig korpschef Peter Vogelzang zijn de kartrekkers van het platform. Tijdens het BOA-event eind vorig jaar pleitten ze voor meer landelijke afstemming in het ‘BOA-manifest’. Meer eenheid voor de invulling van gemeentelijke handhaving en intensievere samenwerking met politie en alle anderen betrokken bij veiligheid in een gemeente.


Benaming

Hoewel er gevraagd wordt om meer afstemming, is het niet de bedoeling dat alles landelijk wordt geregeld. Integendeel, het platform wil juist de positie van toezichthouders, handhavers en boa’s vanuit lokaal niveau versterken, ‘bottom-up’. Er is volgers Sievers regelgeving nodig die niet belemmerend werkt en een goede samenwerking met politie voor het werk van alle gemeentelijke handhavers. ‘De boa-bevoegdheid is een van de aspecten daarvan, het BOA-platform is ook meer een werktitel,’ legt ze uit. De aanpassing van de benaming buitengewoon opsporingsambtenaar is dan ook een van de punten uit het manifest. De naam dekt volgens het platform onvoldoende de breedte van de beoogde functie. De nadruk zou moeten liggen op het begrip handhaving, dat immers ook toezicht en opsporing kan omvatten. Ook vereist het takenpakket van een boa volgens het manifest voortdurende heroverweging en wordt er gekeken naar het uitbreiden van bevoegdheden en domeinen waarin een boa mag werken.


Hoe staat het er bijna een jaar later voor?

‘Het onderwerp is steeds meer gaan leven en heeft aan belang en aandacht gewonnen. De deelname aan het platform is geïntensiveerd, er zijn meer gesprekspartners met mandaat die een rol spelen en de opleiding krijgt meer vorm. Aan de hand van het manifest is een actieagenda gemaakt, werkgroepen vanuit het platform zorgen ervoor dat de punten die belemmerend werken met een beleidsanalyse bij besluitvormende partijen terechtkomen. Er zijn gesprekken met het ministerie, met de Nationale Korpsleiding en de omgevingsdiensten die zijn aangesloten. Door de dynamiek die in hele veld aan het ontstaan is heeft het platform meer bereik gekregen. Het lijkt of er een aanjaagfunctie vanuit gaat, bijvoorbeeld op het gebied van bewapening van boa’s. De politie is nu zelf heel actief een visie aan het formuleren. Hetzelfde geldt voor het al dan niet uitbreiden van bevoegdheden op het gebied van “kleine onveiligheid”, waar de politie positief tegenover staat.’


Zijn er standpunten veranderd?

‘De kwestie uit het manifest dat handhavers in 2020 allemaal hetzelfde uniform moeten dragen is minder urgent, want dat doel is bijna gehaald. De krapte is wat minder geworden dus je ziet ook weer meer handhavers op straat en steeds meer herkenbaar in het donker- met lichtblauwe uniform. Ook bij gebeurtenissen die in het nieuws komen zoals de steekpartij op Amsterdam CS, zie je vaker boa’s herkenbaar in het blauwe uniform, naast het zwart/geel van de politie.’


Hoe denkt u over de bewapening van boa’s?

‘Het is een heel belangrijk punt, daar waar handhavers niet het gevoel hebben dat ze snel genoeg ondersteund worden door de wél gewapende macht, de politie. Maar als je het geweldsmonopolie daarvan gaat loslaten krijg je een hele andere discussie, dat gesprek vindt nu plaats. Je moet bekijken wat handhavers nodig hebben om adequaat te kunnen optreden. Zodat ze kunnen doen waar ze goed in zijn, maar direct gesteund worden door de politie die er staat als het uit de hand loopt. Dat is naar mijn persoonlijke mening belangrijker dan de geweldsspiraal voeden, wat nergens toe leidt, dat moet je als samenleving niet willen stimuleren.’


“Je moet bekijken wat handhavers nodig hebben om adequaat op te treden.”

Op welk gebied hebben boa’s nog meer steun van politie nodig?

‘Niet alleen aan de voorkant, maar ook aan de achterkant. Er moet bijvoorbeeld veel meer beweging komen op het gebied van informatie delen. De wet biedt best veel mogelijkheden, de vraag is hoe pas je het toe? Tussen organisaties die hetzelfde doel hebben is al veel uitwisselbaar, het is een kwestie van vertrouwen in elkaar ontwikkelen. In de gemeente Edam-Volendam doen we ons stinkende best met elkaar en is er in elk geval goede samenwerking tussen gemeente en politie. Het is een voortdurende zoektocht naar hoever we kunnen gaan en wat we van elkaar nodig hebben om ons werk goed te doen. Er zijn ook wegen te vinden om informatie wél te delen.’


Op dat gebied gaat het steeds beter?

‘Ja, het gaat vaker wel goed dan niet. Het werkt daar waar mensen elkaar kennen, uiteindelijk is het mensenwerk en moeten we elkaar weten te vinden. Bij degenen die zich verschuilen achter regelgeving lukt het ook niet. Wat daar vaak achter zit is dat mensen twijfelen of met gedeelde informatie goede dingen gedaan worden. Het is van groot belang om werkrelaties op te bouwen voor dat vertrouwen onderling, waarbij regelgeving helpend is en niet belemmerend.’


Zijn de bestaande beleidsregels voor boa’s niet toereikend?

‘Je kunt niet alles landelijk in regels vatten wat op lokaal niveau werkt en moet wel beleidsvrijheid houden om het per gemeente in te kunnen kleuren. Dat gaat best tot op behoorlijke hoogte, maar soms knelt het ook. Daarom gaan we als boa-platform in gesprek met regelgevers om aan te geven “in de praktijk werkt dit niet”. Bijvoorbeeld te hard rijden in de bebouwde kom. De politie komt er nu niet aan toe om die hardrijders aan te pakken en kan ook niet overal camera’s neerzetten. En dan nog, de meest effectieve manier in de aanpak is mensen hierop aanspreken. Een boa zou dit prima kunnen doen, maar mag alleen stilstaand verkeer beboeten. Daar is maar een kleine uitbreiding van bevoegdheden naar rollend verkeer voor nodig, wat het gezag ook sterker maakt. Burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat iemand die geüniformeerd rondloopt kan doorpakken. De politie staat ervoor open, het Openbaar Ministerie vindt het een moeilijk punt, dus daar zijn we nu over in gesprek. Daar komt bij dat de komende tien jaar de politiesterkte onder druk komt te staan. Nu wil ik niet zeggen dat je daarom de bevoegdheden van een boa moet uitbreiden, maar het ook zeker niet moet tegenhouden.’


Wat is de rol van burgemeesters in het geheel?

‘En belangrijk punt is dat burgemeesters gezagsdragers zijn in hun gemeente voor openbare orde en veiligheid. Wat de burger het meest raakt, veiligheid in de eigen omgeving, daar zijn wij van. We moeten dan ook op lokaal niveau dat gesprek voeren en als gemeente toegerust zijn om het aan te pakken. Als burgemeester moeten we ook daarop aangesproken worden, maar door alle verschuivingen worden het vaak meer landelijke issues. En burgemeesters maken de verbinding voor veiligheid en brengen de groepen bij elkaar. Zo zijn we hier steeds meer met de domeinen veiligheid en zorg aan het samenwerken. Het gaat vaak om kleine groep mensen die zowel een zorg- als veiligheidsvraagstuk vormen in een wijk, bijvoorbeeld personen met verward gedrag. Dat pak je dan samen aan en gooi je niet over de schutting bij het andere domein, maar daar ga je gezamenlijk over grenzen heen denken.’


Wat is het advies voor gemeenten?

‘We moeten naar een nieuwe werkwijze die past in informatie- en netwerktijdperk van nu en niet in oude rollen en patronen denken vanuit een domein en bevoegdheden. Met een open blik, met alle open bronneninformatie die er is in deze tijd, het hangt allemaal samen. Het gekke is dat we privé al volop in de netwerksamenleving zitten, maar als het over de organisatie gaat we weer in hokjes denken. Bij jonge mensen die hier komen werken moeten we niet fout maken ze in een gemeentelijk keurslijf te stoppen en in hokjes leren denken binnen het ambtelijke apparaat. Dat is geen verwijt, zo is het gewoon. Ook een van de redenen om het platform te starten was om dat te doorbreken en een open dialoogtafel te krijgen. Concreet: zoek elkaar op en ga het gesprek aan vanuit een gedeeld belang en niet denken in wij en jij. Er is wat dat betreft al een groot verschil met vier jaar geleden bij de oprichting. Er is veel beweging, maar ook nog veel angst te overwinnen.’


Hoe nu verder?

‘We zijn weer bezig met de organisatie van het derde driedaagse BOA-Event dat in het najaar van 2019 zal plaatsvinden waar alle partijen samenkomen. Iedereen bij elkaar brengen is de uitdaging in dit taaie, versnipperde veld. De urgentie is er en mensen tonen steeds meer bereidheid om het gesprek met elkaar aan te gaan. We moeten nu met z’n allen concrete stappen gaan zetten. Zoals het opstellen van een convenant voor gegevensuitwisseling tussen boa en politie, het continue screenen van boa’s en iedere boa op C2000. Op de actieagenda van het BOA-platform staan al die concrete actiepunten die daadwerkelijk gaan helpen om zowel de praktijk als de randvoorwaarden voor de samenwerking in handhaving te verbeteren. Zo werken we door onze rondetafelgesprekken steeds meer toe naar daden.’

BOA-Platform online

Het BOA-Platform verenigt alle partners die betrokken zijn bij het werk van toezichthouders en handhavers. Het is geen zelfstandig besluitvormend orgaan; het wil op landelijk strategisch niveau zorgen voor betere afstemming, samenwerking en positionering van de boa. Binnen het BOA-Platform wordt gesproken over thema’s als uitrusting, informatiedeling en opleiding. Sinds kort staat alle informatie over het platform op de website boaplatform.org. Naast de voortgang op de diverse thema’s vindt u er nieuwsberichten, aankondigingen van bijeenkomsten en blogs.